Wednesday, December 15, 2010
REDD+, RED(D) TAPE and the RED on the climate map
Dat deel van de wereld dat de enorme hoeveelheden CO2 en ander afval produceert, zou er alles aan moeten doen om dit bos in stand te helpen houden en om de bijdrage van Suriname aan het probleem tenminste op het huidig niveau te helpen houden. Er zijn in de wereld nog slechts enkele landen als Suriname, met veel bos en een kleine CO2 uitstoot. Veel van die landen hebben relatief weinig inwoners en zouden voor hun duurzame ontwikkeling slechts een kleine fractie nodig hebben van het geld dat internationaal beloofd is voor het probleem van CO2 uitstoot en klimaatverandering. Daardoor zouden deze gemeenschappen zich kunnen toeleggen op een nieuw, duurzaam ontwikkelingsmodel. Dit is een model waarbij het bos voor het overgrote deel gegarandeerd blijft staan, de uitstoot van CO2 wordt vastgehouden op niet veel meer dan het huidige niveau of zelfs omlaag gaat en de effecten van klimaatverandering op de gemeenschappen wordt geminimaliseerd.
Dit is geen utopie, maar zou heel goed mogelijk zijn in de wereld van vandaag. Het feit dat op elke klimaattop deze actie niet wordt vastgelegd en deze commitment niet wordt gemaakt geeft aan dat er niet voldoende politieke wil is om tenminste een begin te maken waar het gemakkelijk gaat. Andere overwegingen van geld, macht en controle zijn blijkbaar belangrijker voor de landen die bezig zijn het milieu en het klimaat ernstig te vervuilen. Hun historische en huidige activiteiten dreigen het leefmilieu nog in deze eeuw onleefbaar te maken voor mensen in vele regionen op aarde.
Als we de klimaatmodellen die de wetenschappers in die landen ontwikkelen bestuderen en de effecten bekijken die ze verwachten, dan bekruipt ons onwillekeurig het gevoel dat de leiders in die landen denken dat het voor hun wel zal meevallen en dat landen als Suriname de grootste problemen mogen verwachten. Dat is een bijzonder onprettig gevoel en onze ogen moeten wijd open zijn in deze kwestie.
Ons belang en dat van de rest van de wereld hangt af van de mate waarin we erin slagen om in de eenentwintigste eeuw af te stappen van het economisch model waarin korte termijn winsten voor ondernemingen en inkomsten daaruit voor overheden de belangrijkste beslissingsgronden vormen voor beleid en besluiten. Het is een model waarin ons natuurlijk milieu als oneindig wordt beschouwd en waarin de diensten van het milieu en de kosten van vernieling daarvan niet of slechts marginaal worden meegenomen.
Suriname moet luid en duidelijk concrete standpunten laten horen op vergaderingen over deze issues. We moeten voor het bos dat diensten verleent aan de wereld financieel gecompenseerd worden. Dan kunnen we het laten staan.
.
Thursday, January 14, 2010
En nu zijn er stormen
De lange droogte die door de meteodienst werd voorspeld kwam niet. In tegendeel begon de kleine regentijd eerder dan normaal. Petrus broeia zeggen we in Suriname. We kunnen het de meteodienst ook niet kwalijk nemen, want ondanks alle berichten over veranderingen in het klimaat en ondanks alle tekenen die dat ook in Suriname geeft, heeft die dienst geen grote investeringen gezien voor meer en betere weerstudies en waarschuwingssystemen.
Wat wel kwam waren stormen. Achter elkaar. Twisters, draiwinti die we twee jaar geleden ook zagen en die als een incident werden afgedaan. Op het Floraproject waren de zinkplaten nog maar net weer vastgespijkerd op de daken of Marienburg, van Dijk en Zorg en Hoop kregen te maken met deze onsurinaamse winden.
We hebben de regering gevraagd om de zaken niet als incidenten af te doen, maar een instantie te belasten met de registratie, ook van de economische schade. Klimaatverandering is volgens de deskundigen niet toevallig, maar wordt veroorzaakt door onder andere de CO2 uitstoot. Grote oerwouden als de Surinaamse helpen de CO2 binden, maar kunnen de grote uitstoot niet geheel compenseren. Suriname levert dus met haar oerwouden nu al een bijdrage aan vermindering van het probleem. Dat doen we tot nu toe gratis.
We moeten onze uiterste best doen, om te voorkomen dat de rekening van ongebreidelde industriele ontwikkeling van het westen zonder meer aan ons wordt gepresenteerd.
Wednesday, December 09, 2009
2009 anders dan anders..
Een hele maand veel regen in de kleine droge tijd , droogte in de grote regentijd (heb ik eigenlijk nog nooit meegemaakt voor zover ik weet) terwijl de Meteodienst grote regenval voorspeld had en het in Brazilie zondvloed was; een zeer matige rest van de regentijd en geen spoor van de lange droogte die door de Meteorologische Dienst was voorspeld. Het is maar de vraag of er nu nog wel iets kan worden voorspeld.
Op dit moment een kleine regentijd die wel vroeg begon maar nu zoals we gewend zijn op gang is gekomen en een nattig, maar erg fris en koel Suriname. Zo zouden we 2009 kort kunnen beschrijven wat het weer betreft, althans wij gewone Surinamers die de zaak ondergaan.
Voor ons ongemerkt, daalt de gemiddelde jaarlijkse regenval wel gestaag.
Climate change ..
Sunday, March 08, 2009
Regen in maart..
De kleine droge tijd is nu ook weer niet begonnen. It is raining in the dry season and not a few drops. Suriname moet in elk geval voorbereid zijn op de komende regentijd.
Monday, February 16, 2009
Wereldrecessie (depressie?), klimaatverandering en het Surinaams regenwoud
De Amerikaanse economie lijkt nog steeds in een vrije val te verkeren, ondanks behandeling en goedkeuring van president Obama's zogenoemde 'Stimulus Package'. Sommige economen spreken van een aankomende depressie, waarbij ze aangeven dat de mogelijkheden die de VS in 1930 als productieland had, nu niet meer aanwezig zijn. Slechts zo een 9 procent van de banen in dit grote land zijn in de productieve sector (!). De VS importeren veel meer dan ze exporteren. Ze zijn een consumptie economie geworden. Dat is in de eerste plaats voor hun een probleem, maar als hun economie het echt niet meer houdt, zal de rest van de wereld het ook weten.
Ik denk dat wij hier, die geen enkele invloed hebben op al deze ontwikkelingen er in elk geval voor moeten kiezen om wel voorbereid te zijn op mogelijke problemen in verband hiermee. Daartoe kunnen we ons eigen 'Stimulus Package' voor Surinamers opstarten waarin onder andere:
- Programma voor woningbouw en bouw/upgrading van scholen met zoveel mogelijk lokaal materiaal en lokale know how en menskracht
- Uitvoering van goed gestructureerd modern (duurzaam) land- en tuinbouwprogramma in meer zuidelijk gelegen nieuwe/bestaande landbouwnederzetting (omgeving zuid Para?). Dit in verband met voedselzekerheid en het scheppen van werkgelegenheid en huisvesting.
- Uitvoering van een afwaterings- en waterkeringsprogramma voor Paramaribo/Commewijne en andere bedreigde plekken.
- Organisatie van de kleine goudmijnbouw, middels een speciaal programma dat in het voordeel werkt van zowel degenen die in de sector werkzaam zijn als de staat Suriname
- Ondersteuningsprogramma voor kleine ondernemers (Grond, kapitaal, ondersteuning en training, belastingincentives)
Er is natuurlijk nog meer dat gedaan zou moeten en kunnen worden.
Voor financiering van projecten is het belangrijk te weten dat, volgens de wereldbank, Suriname tot de meest bedreigde landen behoort in verband met problematiek rond zeespiegelstijging, terwijl we daartegenover erkenning (maar geen beloning) hebben gekregen voor het 'goede beheer' van onze bossen tot nu toe..We moeten met deze twee gegevens zaken kunnen doen. We zullen onze case goed moeten kunnen presenteren en snel.
Ontwikkeling van projectplannen die kunnen worden gefinancierd in het kader van bescherming tegen de effecten van klimaatverandering en behoud van ons regenwoud ten behoeve van de wereld, kan voor ons van levensbelang zijn.
Daarnaast is het noodzakelijk om onze economie structureel op een beter spoort te zetten, door met behulp van inkomsten uit de mijnbouw de agrarische sectoren uit het slop te halen.
Werk genoeg dus.
Saturday, November 15, 2008
De crisis na deze..klimaat of toch aardolie?
"The World Energy Outlook", het rapport voor 2008 van de International Energy Agency, is uit.
Voor het eerst geeft de IEA duidelijk aan, dat de meeste aardoliebronnen een afnemende productie vertonen, dat de huidige trends in productie en consumptie niet kunnen worden volgehouden en dat olie een eindige hulpbron is.
In verband met de terugval in de groei van de wereldeconomie, heeft de IEA de projecties over de groei in energiebehoefte van de wereld ten opzichte van vorige rapporten naar onderen bijgesteld. De projectie is nu dat de behoefte zal stijgen van 85 miljoen barrels per dag (mbd) in 2007, naar 106 mbd in 2030. De IEA geeft aan, dat slechts door investering van zo'n 26 duizend miljard (26 biljoen) in de oliesector, aan deze behoefte zal kunnen worden voldaan.
Dit geld is onder meer nodig om de infrastructuur te verbeteren, de afname in productie van de meeste velden buiten de OPEC zo goed mogelijk tegen te gaan, nieuwe bekende velden in productie te brengen en zeker ook te zoeken naar nieuwe velden, want volgens de IEA zullen er toch wel nieuwe voorraden moeten worden ontdekt om aan de vraag te kunnen blijven voldoen.
Bij nadere bestudering van het rapport blijken mijns inziens toch enkele vraagpunten niet of onvoldoende te worden beantwoord. Toch laat het rapport ten aanzien van de ernst van de situatie aan duidelijkheid niets te wensen over. Harde statements en concrete richtlijnen:
Aan het begin: "
The world's energy system is at a crossroads. Current global trends in energy supply and consumption are patently unsustainable - environmentally, economically, socially.
Aan het eind:
Time is running out and the time to act is now.
En daartussen in:
It is not an exaggeration to claim that the future of human prosperity depends on how successfully we tackle the two central energy challenges facing us today: securing the supply of reliable and affordable energy; and effecting a rapid transformation to a low-carbon, efficient and environmentally benign system of energy supply.
What is needed is nothing short of an energy revolution.
Suriname heeft in sommige opzichten een gunstiger positie dan veel andere landen, maar we zullen onze voordelen ook werkelijk moeten benutten, anders hebben ze niets te betekenen.
Het is tijd. Ook Suriname moet zich bezinnen over de eigen energie toekomst. Het beste kan dat door met zo breed mogelijke groep van deskundige mensen aan de slag te gaan.
Hier de link naar een Samenvatting van het IEA rapport.
Thursday, September 25, 2008
Meer nieuwe klimaatontwikkelingen
In mijn vorige artikel heb ik de conclusie getrokken dat er belangrijke (nieuwe?) informatie moet zijn geweest die de Amerikaanse overheid ertoe heeft gebracht om een officieel team in te stellen dat abrupte klimaatverandering moet onderzoeken. Het blijkt nu dat wetenschappers inderdaad recent nieuwe ontwikkelingen hebben geconstateerd in het vervolgdrama van de klimaatverandering.
Het artikel onder de link geeft aan dat nu is aangetoond dat er methaangas uit de diepere lagen van de oceaan naar boven borrelt en in de atmosfeer terecht komt. Methaan is als broeikasgas vele malen krachtiger dan CO2 en schijnt al eerder een rol te hebben gespeeld in periodes waarin de aarde opwarmde. Dat er methaan vrij kan komen uit de zee en de smeltende permafrost in het hoge noorden, was al lang bekend. Volgens de berichten van wetenschappers is deze mogelijkheid nu werkelijkheid geworden.
Artikel in The Independent over ontsnapping methaan uit de zee.(gaat in nieuw venster open)
Transcript van een gesprek tussen Dr. Iain Stewart en Professor Jim White, die lid was van "the US Geological Survey project" in de jaren negentig.
Dit gesprek komt voor in het laatste deel van de BBC documentaire "Earth - The Climate wars".
Wednesday, September 24, 2008
Snelle klimaatverandering nu op de agenda van de Verenigde Staten
Ik vraag hiervoor speciale aandacht omdat:
- Enkele jaren geleden reeds een voorlopig rapport aan de regering Bush was uitgebracht over de kans van snelle klimaatverandering en de mogelijke 'impact' daarvan op menselijke samenlevingen. Dat is toen in principe onder de tafel geveegd.
- De huidige Amerikaanse regering steeds zolang als ze kon, sceptisch is geweest over klimaatveranderingen en zeker over de oorzaken daarvan. Ik trek hieruit de conclusie dat er informatie beschikbaar moet zijn gekomen die deze regering tot deze actie heeft gebracht.
- Het de Department of Energy is, die dit onderzoeksproject heeft gestart.
Het initiatief van de Amerikanen is in elk geval toe te juichen. Suriname moet nog beginnen met inventarisatie van de ontwikkelingen en hun mogelijke effecten op onze samenleving.
De titel van dit artikeltje bevat de link naar het nieuwsbericht.
Wednesday, August 27, 2008
Olieprijzen wat moeten we verwachten?
Er zijn in elk geval twee hoofdlijnen, waarbij de ene groep analysten een fundamentele en toenemende wanverhouding tussen vraag en aanbod als oorzaak van de prijsschommelingen aangeeft en de andere voornamelijk zaken als speculatie, winstpolitiek van oliemaatschappijen en/of resource nationalisme van olieproducerende landen als de oorzaken van het probleem noemt.
De eerste stroming gaat ervan uit dat er in de komende jaren er een onafwendbaar, fundamenteel en groeiend tekort aan aardolie zal ontstaan, na een periode van piekproductie waarin het aanbod gelijk blijft terwijl de vraag stijgt. Deze opvatting is vooral gebaseerd op het ervaringsfeit dat elke oliebron na een fase van stijgende en piekproductie, een gestadig afnemende hoeveelheid olie levert tegen steeds hoger wordende kosten en lagere EROI (Energy Return of Investment), tot het punt dat de olie niet meer kan worden ontgonnen omdat daarvoor per barrel meer energie nodig is dan door de olie zal worden geleverd. De meeste bronnen op aarde buiten Saoedi Arabie, zijn volgens de rapportage van de energie instituten op dit moment in de fase van afnemende productie. Deze deskundigen geven aan dat de olie niet opraakt, maar dat de totale jaarlijkse olieproductie na het bereiken van een maximum productie (piek) zal afnemen, waardoor een periode van sterke prijsschommelingen zal worden gevolgd door een onafwendbare en sterke stijging van de olieprijzen.
De stroming die het houdt op speculatie en winstmaximalisatie van oliemaatschappijen vindt dat er niets aan de hand is en dat met voldoende exploratie en exploitatie er nog zeker tot het eind van de eeuw en waarschijnlijk nog veel langer, meer dan genoeg olie te vinden is om aan de stijgende vraag tegemoet te komen. Ze geven aan dat de OPEC en met name Saoedi Arabie rapporteert dat hun olievoorraden ruim voldoende zijn om aan de geprojecteerde toename in de vraag te voldoen. Voor de langere termijn rekenen ze erop dat wetenschappelijke ontwikkelingen op het gebied van oliewinning en verwerking ervoor zullen zorgen dat er voldoende ruwe olie tegen voor de economie aanvaardbare prijzen beschikbaar zal zijn.
Er moet worden aangetekend dat de vraag naar energie en speciaal fossiele brandstoffen vrij goed kan worden berekend, omdat de gegevens voor de meeste landen gemakkelijk te achterhalen zijn. De voorraden zijn om verschillende redenen echter veel minder duidelijk. Ondanks het belang dat aardolie heeft voor de totale wereldeconomie blijken er zeker voor de voorraden in de OPEC landen geen of onvoldoende objectieve data beschikbaar te zijn. De wereld moet aannemen wat elk land opgeeft als voorraad. Een andere kwestie is dat de investeringen in de oliesector aantoonbaar achterlopen, waardoor de productie van olieproducten uit ruwe olie op zich een beperkende factor kan vormen totdat daar iets aan is gedaan. Deskundigen van alle stromingen geven aan dat onder andere hierdoor, de olie prijzen in de komende jaren waarschijnlijk wel zullen stijgen, behalve als door een wereldwijde economische recessie de vraag naar aardolie vermindert.
Als planner, beleidsmaker en gewone burger kun je je afvragen wat je met de uiteenlopende visies van deskundigen aan moet. Het is daarom goed om bij het bestuderen van dit vraagstuk enkele punten steeds in gedachten te houden:
- Wie zegt wat - zoek naar de achtergronden van de personen of instituten die de mening geven
- Is een bepaalde opvatting gebaseerd op bekende gegevens (harde feiten), geschatte cijfers of gewoon op hoop voor de toekomst?
- Worden meerdere invalshoeken en mogelijkheden gepresenteerd, of houdt de expert zich slechts met een kant van de zaak bezig?
Bij het plannen van reactie op ontwikkelingen in de aardolieprijs, zijn enkele andere vragen van belang:
- Wat zouden we in het ergste geval moeten doen en wat bij de minst erge problemen?
- Hoe is de situatie voor Suriname
- Welke acties zijn in elk geval goed? De zogenaamde "no regret" maatregelen die in elke verwachte situatie een positief effect hebben
- Voeding en huisvesting zijn de meest basale behoeften. Hoe zullen die onder verschillende omstandigheden worden beinvloed?
- Welke mogelijkheden hebben we om juist voordeel te halen uit het probleem?
Fundstrategy magazine
Peak oil review (ASPO)
Wednesday, August 13, 2008
Wat doen we in Suriname met de rapporten van IPCC en NIMOS over effecten van klimaatverandering?
Waarschijnlijk zijn de ongewone weersomstandigheden die we binnen een relatief korte periode hebben meegemaakt, de eerste tekenen van het veranderend klimaat. Voor de meeste mensen in Suriname is dit duidelijk. Wat de gevolgen op wat langere termijn zullen zijn en hoe we erop moeten reageren is voor diezelfde mensen echter heel wat minder duidelijk.
De regering lijkt geen of onvoldoende aandacht te hebben voor de hele kwestie, terwijl de laatste rapporten van "The Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC)" erop wijzen dat de situatie met betrekking tot CO2 uitstoot is verslechterd. Er blijken bovendien reeds enkele jaren rapporten te bestaan over de Surinaamse situatie, die een vrij grimmig beeld schetsen. Volgens "The first National Communication to the United Nations Framework Convention on Climate Change" van het NIMOS, zou de schade die Suriname kan lijden, lopen in de miljarden US dollars voor overheid en particulieren. Deze schade zal volgens het rapport vooral worden veroorzaakt door verzilting van landbouwgebieden en directe waterschade door zeespiegelstijging. Er wordt aangegeven dat reeds een zeespiegelstijgingen van 50 cm zeer ernstige gevolgen met zich mee zal brengen en dat een stijging van één meter rampzalig zal zijn.
Naast de effecten van zeespiegelstijging verwacht de IPCC problemen door extreme weersomstandigheden, zoals hevige regenval en episodes van droogte. Deze weersomstandigheden zijn intussen ook in Suriname voorgekomen, voorlopig met relatief weinig persoonlijke ongelukken, maar wel met behoorlijke materiele schade. In het aangehaalde NIMOS rapport wordt ook gewaarschuwd voor mogelijke toename van windkracht in de kustvlakte, waarbij in eerste instantie aan de reeds wankele bananensector wordt gedacht. De gevolgen op langere termijn van afnemende regenval zijn het droger worden van bepaalde landbouwgebieden, afname van beschikbaar zoet water en negatieve effecten op de opwekking van electriciteit door de waterkrachtcentrale te Afobaka. De toegenomen wind hebben we in 2007 en zeker in 2008 kunnen merken: We herinneren ons het weggewaaide dak van het Diakonessenhuis en de tientallen huizen op Leiding en Sarmacca waarvan daken of delen daarvan, letterlijk "eraf vlogen". Hieraan is van regeringszijde vrijwel geen aandacht besteed en naar de samenleving toe is er geen informatie geweest.
Naast de dreigingen presenteren de Surinaamse rapporten ook maatregelen ter bescherming en vermindering van de gevolgen. Het aanleggen van dammen en dijken in gebieden waarin er al veel is geinvesteerd zoals in Paramaribo, het wegtrekken uit bedreigde gebieden wanneer het niet anders kan en landbouwmaatregelen, zoals het planten van gewassen die kunnen gedijen in de nieuwe omstandigheden. Specifiek wordt geadviseerd om onderzoek te doen naar rijstsoorten die in brakwater of (zoals in het binnenland) op "droge grond" kunnen groeien in verband met de verwachte verzilting van traditionele rijstgronden. Ondanks de ernst van de geschetste situatie is door de regering echter geen plan van aanpak gepresenteerd en zijn de adviezen niet omgezet in een concreet actieplan.
Al deze zaken worden verder gecompliceerd door de verwachting dat de prijs van energie zal stijgen waardoor financiering van diverse activiteiten en projecten mogelijk in het gedrang kan komen, met name als te lang daarmee wordt gewacht. Als Suriname dus doorgaat met het negeren van de klimaatproblematiek zullen we onvoorbereid worden overvallen door negatieve effecten en gevaren waartegen we ons wel hadden kunnen beschermen. Het betekent echter ook dat we niet zullen kunnen inspelen op eventuele nieuwe mogelijkheden en ontwikkelingskansen, die door de veranderingen mogelijk ook zullen ontstaan.
Aanpassing aan de genoemde klimaatveranderingen in een tijdperk waarin de beschikbaarheid van goedkope energie en betaalbare voeding op zijn minst onzeker zijn, is geen zaak die individueel of zelfs door NGO's kan worden aangepakt. Overheden zullen daaraan stevig leiding moeten geven, in intensieve samenwerking met diverse organisaties van burgers en regionale overheden (die we niet hebben in Suriname).
Het is in elk geval noodzakelijk dat iedereen die op welk niveau dan ook een leidinggevende rol vervult in onze samenleving, zich met deze problematiek bezighoudt en van de leiding van het land en de volksvertegenwoordiging eist dat er een plan van aanpak wordt ontwikkeld en uitgevoerd, met de reeds beschikbare informatie als uitgangspunt. De ingestelde werkgroep die de regering moet adviseren over het milieu en het klimaat, moet transparant werken en de informatie mag niet verborgen blijven. De samenleving heeft recht op informatie en voorlichting, zoals dat ook is aangegeven in het NIMOS rapport. De regering heeft de plicht deze kwestie aan het parlement voor te leggen en het parlement dient het op de agenda te brengen, zodat we met elkaar kunnen bepalen op welke wijze we zullen inspelen op de problematiek.
Het laatste rapport van 'The Intergovernmental Panel on Climate Change', betreft een overzicht dat vooral bedoeld is voor beleidsmakers. De Surinaamse regering moet op korte termijn aan het parlement een plan van aanpak presenteren om de gevolgen van de gecombineerde "klimaat-energie-voedsel" problematiek, waar we reeds mee geconfronteerd worden, het hoofd te bieden.
In elk geval moet de regering op korte termijn:
- Aan de Universiteit van Suriname, het NIMOS en andere nationale en internationale deskundigen de opdracht geven om binnen enkele maanden een geactualiseerd en meer gedetailleerd rapport te presenteren, over de specifiek voor Suriname te verwachten veranderingen en hun effecten op verschillende sectoren van onze samenleving.
- Op basis van deze informatie en adviezen, in overleg met de private sector een geintegreerd programma ontwikkelen voor de aanpak van de problemen en de benutting van nieuwe mogelijkheden (bijvoorbeeld in de voedselproductie), waarbij ook rekening wordt gehouden met de verwachte ontwikkelingen op het gebied van de aardolieprijs.
- Vaststellen welke acties in elk geval – de zogenaamde 'no regret' maatregelen - moeten worden ondernomen en direct daarna starten met de uitvoering. Verbetering van de waterhuishouding van Paramaribo en van de rijstarealen in Nickerie, vermindering van brandstofverbruik door onder andere eliminatie van de verkeerscongestie in de binnenstad, verbetering van het openbaar vervoer en de verbreding van de bruggen over het Saramacca kanaal, zijn enkele voorbeelden .
- Financieringsbronnen identificeren en aanspreken.
- Een concreet werkplan opstellen voor de uitvoering van in het programma geplande overheidsprojecten en activiteiten en dit als additioneel Meerjaren Ontwikkelingsplan aanbieden aan De Nationale Assemblee.
- Een speciaal voorlichtingsprogramma opstarten om burgers te informeren over de problematiek, zodat ze de juiste beslissingen kunnen nemen en eventuele problemen kunnen voorkomen of oplossen. Vooral voor jonge mensen is deze informatie van bijzonder belang.
Friday, August 01, 2008
Energie problematiek niet over vijf jaar, maar nu.
Beleidsmakers in verschillende delen van de wereld lopen achter op de feiten over energie. Er zijn fundamentele wijzigingen opgetreden in de wijze waarop de olieprijs tot stand komt en het is te verwachten dat deze situatie in de komende jaren grote invloed zal uitoefenen op onze economie. Deze problematiek is zoals hier op deze Blog al eerder aangegeven, al enige tijd voorspeld. Eerst waren het alleen de zogenaamde 'peak oil aanhangers', maar later steeds meer andere organisaties en ten slotte gaf de International Energy Agency in 2007 voor het eerst duidelijk aan dat in het volgende decennium waarschijnlijk het aanbod van aardolie de vraag maar moeizaam zou kunnen bijhouden, met substantiele prijsstijgingen als gevolg.
In Suriname heb ik regelmatig zowel in het parlement als door middel van brieven naar het staatshoofd aandacht gevraagd voor deze situatie, omdat analyse leert dat tijd een belangrijke factor is bij het beperken van de schade of het benutten van de mogelijkheden die Suriname heeft op dit gebied. De reactie van de overheid is uitgebleven en de effecten zijn al voelbaar in de samenleving. De noodzaak van een duidelijk energiebeleid en de instelling van een speciaal instituut dat de ontwikkelingen op het gebied van energie kan monitoren om regering en parlement daarover te adviseren, wordt steeds groter. De hele kwestie is tot nu toe niet eens onderwerp van discussie in De Nationale Assemblee.
Ik ben van mening dat vanwege de mogelijk zeer ernstige (economiche ) gevolgen van deze problematiek, niet alleen de regering en de volksvertegenwoordiging oplossingsmodellen moeten aandragen en uitvoeren. Iedere persoon of organisatie die op welk niveau dan ook leiding geeft of verantwoordelijk is voor informatie en educatie heeft de taak zich te (laten) informeren en in de eigen omgeving of sector actief bij te dragen aan het vinden van nieuwe overlevings- en ontwikkelingsstrategieen.
We zullen niet op elkaar kunnen wachten.
Hieronder het begin van een rapport van het Clingendael Instituut, dat de ontwikkelingen en vooruitzichten op een rij zet.
Oil turbulence in the next decade, Jan-Hein Jesse and Coby van der Linde
A CIEP analysis of the recent development of demand and supply for crude oil indicates that the mismatch in supply and demand growth could cause tighter oil markets than we already experience today. In the World Energy Outlook 2007, the International Energy Agency (IEA) warned of a possible 'energy crunch'. But what was anticipated to happen in the first part of the next decade has been fast-forwarded to today, more than 5 years earlier, and could shake the very foundation of our energy systems if no action is undertaken.
Without exaggeration, the recent developments in the international oil market are ground-breaking: a little over a year ago, in January 2007, the West Texas Intermediate crude oil price (WTI) traded for $50 dollar a barrel. Within a year, the price doubled to $100 per barrel in January 2008 and pushed through to over $135 in June 2008, against the backdrop of the fresh market supposition about reaching a whopping $200 per barrel in 2009. If this proves to be true, the world will not only have moved from an "Oil Demand-led World" to an "Oil Supply-constrained World" (since 2004) but, more importantly, will then also experience a radical change in the oil price formation. lees verder...
Friday, July 11, 2008
Over "Peak Oil"en peak armoede in Suriname
Speculatie, Resource nationalism, geopolitiek zijn de verklaringen die in tientallen (honderden?) artikelen en mediaberichten worden gegeven voor de onplezierig hoge en stijgende olieprijzen. In de artikelen en analyses over 'Peak Oil' zijn deze reacties lang geleden al voorspeld. Het is een feit dat al de genoemde zaken bijdragen aan de olieprijzen, maar het is heel goed mogelijk dat het onderliggende vraagstuk wel degelijk berust op een structureel verslechterende verhouding tussen beschikbaarheid en vraag.
Of we hieruit komen en op welke termijn zal nog even een vraag blijven. Ondertussen is het effect van de hoge olieprijzen al in alle sectoren duidelijk te merken. Het gevolg is dat er ook voor voeding en andere eerste levensbehoeften meer moet worden neergeteld.
Meer, dat velen in Suriname en in andere ontwikkelingslanden niet hebben.
De vraagstukken rond de prijs van voeding en transport (openbaar vervoer) zijn naar de top 3 van onze nationale prioriteitenlijst geklommen en zullen daar voorlopig wel blijven. Het probleem is dat er door de overheid geen maatregelen zijn getroffen als voorbereiding op deze reeds jaren geleden voorspelde situatie. Ondanks waarschuwingen en het verzoek om voorbereidingen te treffen voor een situatie met veel duurdere olie dan in 2005 wordt Suriname verrast door de ontwikkeling en gedwongen ad hoc maatregelen te treffen, zonder dat er een plan van aanpak bestaat waar de noodmaatregelen in passen.
Indien door welke omstandigheid dan ook de olieprijs wat omlaag gaat en ook laag blijft (hetgeen volgens vele analysten niet mogelijk is) zullen we in Suriname op zijn minst een zeer moeilijke periode doormaken, althans het volk. Terwijl de prijzen stijgen en het gewone volk moeite krijgt met het betalen van voedsel en transport, zullen de inkomsten voor oliemaatschappijen en rijstexporteurs stijgen. De overheid heeft nog geen reden gezien in de huidige situatie om een speciaal plan te ontwikkelen voor deze moeilijke periode, waarvan we naar het schijnt pas de beginfase meemaken. Dit is zorgelijk, want indien slechts de helft uitkomt van wat sommige gerenommeerde economen en oliedeskundigen verwachten, zal de nonchalance van de regering ons duur komen te staan.
Het is belangrijk dat we beseffen dat we door onze overvloedige natuurlijke hulpbronnen en onze relatief kleine bevolking meer mogelijkheden hebben dan vele andere landen, om de problemen het hoofd te bieden en zelfs ontwikkeling te realiseren. Wij moeten echter begrijpen dat we zowel persoonlijk als nationaal, deze mogelijkheden op korte termijn actief moeten gaan benutten. Als we dit niet doen zullen de de komende jaren er donker uitzien. Het leiderschap heeft in deze dagen een bijzondere opdracht. Sleeping on the job is meer dan ooit een misdaad.
Er is niemand die pasklare antwoorden heeft op de combinatie van uitdagingen die de nieuwe eeuw ons presenteert. Wat we echter wel kunnen zien is dat er met man en macht gewerkt zal moeten worden aan oplossingsmodellen voor problemen en aan ontwikkeling van nieuwe mogelijkheden. Hier wil ik volstaan met enkele korte opmerkingen over maatregelen en programma's die deel kunnen uitmaken van een plan voor ontwikkeling, binnen de huidige en toekomstige internationale economische omstandigheden.
- Onze niet hernieuwbare hulpbronnen en met name
bauxiet, goud etc. zijn zeer kostbaar en zullen in waarde toenemen naarmate de wereldvoorraden schaarser worden. Deze hulpbronnen zijn het onvervreemdbaar eigendom van het Surinaamse volk en mogen niet worden weggegeven in ruil voor spiegeltjes en kraaltjes. Deze en andere soortgelijke hulpbronnen moeten maximaal ten goede komen aan het volk van Suriname. Het staatsoliemodel is daarvoor een richtlijn. - De versnelde ontwikkeling van de agro-industriele sector moet met behulp van inkomsten uit de niet hernieuwbare hulpbronnen en waar nodig uit leningen worden gefinancierd, zodat voedsel kan worden geproduceerd en op rationele en duurzame wijze de biobrandstofsector kan worden opgestart, op basis van gewassen die de voedselproductie niet in het gedrang brengen.
- De energiesector moet worden afgestemd op een nieuwe situatie door besparing bij het verbruik, uitbreiding en diversificatie van de opwekking en modernisering van de distributie.
- Door de schaarste aan granen op de wereldmarkt is de prijs voor rijst gestegen. Volgens deskundigen is ondanks verhoogde prijzen voor inputs toch meer winst uit de sector te halen. We zouden onmiddellijk alle nationaal beschikbare deskundigheid, waar nodig met buitenlandse ondersteuning, moeten inzetten om een intensief agrarisch programma te ontwikkelen en uit te voeren, die de rijstproductie kan verveelvoudigen voor verhoging van de export en garantie van lokale rijstvoorziening.
- Uitbreiding van het aantal soorten voedselgewassen kan verder bijdragen aan het garanderen van de nationale voedselzekerheid.
- Bevordering van persoonlijke voedselvoorziening, door speciale programma's voor gezinslandbouw en tuinbouw.
- Het volk van Suriname zal actief moeten worden voorgelicht, gemobiliseerd en ondersteund, om de problemen waar de mensen persoonlijk voor komen te staan op te lossen en mee te werken aan nationale programma's op dit gebied.
Monday, November 12, 2007
Peak Energy: The fuel of the future ? Say 'cheese'
De mensen die daar niet in geloven, halen over het algemeen drie typen argumenten aan.
- Er is nog genoeg olie in de bekende bronnen en de bekende reserves. De hoge prijzen worden door politieke en andere 'above the ground' factoren veroorzaakt.
- Technologische ontwikkelingen en hoge prijzen zullen het mogelijk maken meer olievelden te ontdekken en het economisch haalbaar maken om olie te ontginnen op plaatsen waar dat tot nu toe niet mogelijk was, waardoor de winbare reserves zullen stijgen en de vraag kan worden bijgehouden.
- Technologische ontwikkelingen en de prijzen zullen op tijd de ontwikkeling van andere energiebronnen mogelijk maken , nog voordat een eventueel tekort aan aardolie een ernstig probleem wordt voor de wereldeconomie.
Op dit moment zijn er ook olieproducenten die aangeven dat het er toch niet zo goed uitziet wat betreft de balans tussen productie en vraag naar aardolie. Het lijkt erop dat we ons in elk geval moeten voorbereiden op een periode waarin goedkope olie verleden tijd is. Of dit een periode zal zijn of een permanente nieuwe situatie, zal moeten blijken.
Peak Energy: The fuel of the future ? Say 'cheese': "CNN has a report on the CEO's of ConocoPhilips and BP hinting that the peak oil point is approaching - 'Big Oil CEOs Point To Constraints On Supply Growth'. Pointing to a variety of political and technological constraints on energy investment, chief executives at two oil giants Thursday highlighted systemic limitations on the growth of the supply of oil, implying that there will be high oil prices for at lePublishast the medium term.
ConocoPhillips (COP) Chief Executive James Mulva had earlier told a New York financial conference that he doubted that world oil producers would be able to meet forecast long-term energy demand growth.
The International Energy Agency, the energy watchdog for western economies, has projected 2030 world oil demand of 116 million barrels a day. But *Mulva said he doesn't believe oil supply will ever exceed 100 million barrels a day*. He didn't offer a price forecast. 'Demand will be going up, but it will be constrained by supply,' Mulva said. ' I don't think we are going to see the supply going over 100 million barrels a day and the reason is: Where is all that going to come from?' BP's Hayward, by contrast, spotlighted improved recovery rates as a possible source of significant new production growth.
Monday, May 07, 2007
Klimaatverandering en zeespiegelstijging: hoe verder voor Suriname?
This example of the effect a meter sea level rise would have on the coastal area in Suriname was generated by using an interactive map. The results are based on height information only.Dit plaatje waarop onze kust te zien is in geval van een zeespiegelstijging van een meter, is gegenereerd met behulp van een interactieve kaart op het web.
Tegenwoordig zijn klimaatverandering en zeespiegelstijging, terecht, op ieders lip en (bijna) iedereen begint te begrijpen dat we er ernstig rekening mee moeten houden. Dat betekent dus, dat we in het stadium zijn aangekomen dat je zou kunnen plannen hiervoor en dat we voor Suriname ook de deskundigen moeten horen. Wie echter waar dan ook bij politieke, economische en/of bedrijfsmatige planning betrokken is, weet dat het horen van deskundigen slechts een eerste stap is om te komen tot een zinnige reactie op de gerezen vraagstukken wat dit betreft. De deskundigen (nationaal en internationaal) maken op basis van onderzoeksfeiten, waarschijnljkheden en onzekerheden de scenario's en de politieke leiding in de verschillende landen en de gemeenschappen (door pressie en opinie) zullen moeten bepalen met welke van die scenario's rekening moet en kan worden gehouden.
Voor Suriname is een stukje eigen onderzoek daarbij beslist noodzakeijk. Het is vrij duidelijk dat het land als geheel, als het slechts de oppervlakte betrof, relatief niet veel te vrezen zou hebben van een zeespiegelstijging, zelfs als deze meerdere meters zou bedragen. Het is omdat meer dan 70 % van ons volk in de kustvlakte woont en bovendien de meeste van onze vruchtbare landbouwgronden zo dicht bij de zee liggen, dat we als we niets doen, zelfs bij een relatief kleine zeespiegelstijging ernstige consequenties kunnen verwachten. Consequenties die waarschijnlijk in eerste instantie vooral de reeds kwakkelende landbouwsector zullen treffen.
Als we stilstaan bij wat op de kaart te zien is, lijkt het erop dat er in eerste instantie niet eens zozeer voor Paramaribo een probleem is. In eerse fase lijken vooral Commewijne en Nickerie die lager liggen ernstig te worden getroffen, terwijl daar bovendien onze rijstbouw en andere landbouwgebieden liggen. Coronie heeft een accuut probleem en ook daarover zullen in het licht van deze ontwikkelingen spoedig beslissingen moeten worden genomen. (Natuurlijk is de afwatering van Paramaribo een probleem, maar dat is het ook zonder zeespiegelstijging).
We kunnen er na het laatste klimaatrapport in elk geval niet meer omheen. Het klimaat verandert en zal voor de meeste landen extra problemen met zich meebrengen. De deskundigen zijn het er in elk geval over eens, dat de zeespiegel zal stijgen en dat we met meer extreme klimaat en weersituaties te maken zullen krijgen. De grote vraag die zij ook niet goed kunnen beantwoorden is: wat gebeurt er voor een bepaald gebied precies en hoe snel? Vooral dit laatste is natuurlijk van wezenlijk belang voor ons vermogen maatregelen te treffen ter bescherming van onze samenleving. De verschillende onderzoekers zijn het dus sinds kort over genoemde zaken vrijwel allemaal eens, maar geven bovendien, afhankelijk van hun positie en hun eigen ervaringen in het veld behoorlijk ver uiteenlopende mogelijkheden, die in feite zeer groot verschil maken als er een programma van maatregelen moet worden ontwikkeld.
We zien de zeer conservatieve schattingen van de zeespiegelstijging in het IPCC rapport, waar iedereen zich dan achter kon stellen maar waarin geen rekening is gehouden met de bijdrage van de polen en Groenland. Daartegenover houden sommige glaciologen ons voor, dat we mogelijk niet slechts met (minder dan) 1 meter in een eeuw rekening moeten houden, maar dat we op basis van hun observaties ook wel 3 meter in een eeuw zouden kunnen krijgen. Dus ongeveer een meter in 30 jaar en dat levert een totaal andere situatie op, die ook een ander programma van maatregelen zou vragen. Bepaling van het werkelijke scenario is dus van grote invloed op het proces van planning voor het tegengaan van negatieve effecten . Het maakt nogal wat verschil: een meter in een eeuw of een meter 30 jaar en daarna dus nog meer. Wat krijgen we verder? Minder regen maar veel meer op een dag? Lange droge tijden? De antwoorden op deze vragen bepalen natuurlijk in hoge mate welke reacties wenselijk en mogelijk zijn. Daar geven de rapporten en officiele verklaringen niet echt antwoord op. Het blijven verschillende scenario’s die volgens de onderzoekers elk een bepaalde waarschijnlijkheid hebben. De bijdrage die de polen zouden kunnen leveren aan het tempo en de mate van zeespiegelstijging is volgens alle deskundigen op dit moment nog helemaal niet goed in te schatten. Het kan letterlijk vriezen of dooien. De gevolgen van elk van de genoemde scenario’s zijn ernstig genoeg om elke samenleving zich te laten bezinnen op de gevolgen en te dwingen tot een besluit op basis van welk van de waarschijnlijkheden de maatregelen zullen worden afgestemd. Economie, politiek, lokale omstandigheden en risico's en 'common sense' zullen hierbij uiteindelijk bepalend zijn.
Het soort maatregelen dat moet worden genomen kan namelijk nogal verschillen, afhankelijk van wat je uitgangspunt is. Het gaat zoals gewoonlijk vooral om beslissingen over aanwending van geld. Elk interventieprogramma kost nogal wat en geld kan je maar een keer uitgeven. In dit geval mag het doel bovendien niet gemist worden 'you have to hit target'. Ter orientatie: volgens de bronnen rekent Nederland op 50 tot 70 miljard Euro in ongeveer 20 jaar.
Hoe zit het met Suriname? wat merken we al en wat zijn de maatregelen, wat zullen die kosten en waar zal het geld vandaan komen?
De landbouwgebieden in Nickerie en commewijne lijken in alle modellen het eerst te lijden, omdat ze blijkbaar het laagst liggen. Onze voeding komt daar in belangrijke mate vandaan. Er zullen in die gebieden waarschijnlijk op korte termijn goede zeeweringen en waterwerken moeten komen, evenals voor Coronie en Paramaribo, maar of dat op de langere termijn de oplossing is hangt natuurlijk af van het scenario dat als vertrekpunt wordt gebruikt. Dat bepaalt dan ook meteen wat voor soort werken worden aanlegd. Ik begrijp dat er onderzoek is gedaan en zal daarover dan weer vragen stellen in De Nationale Assemblée.
In elk geval moeten we in Suriname beginnen met alle deskundigen die we in huis hebben te betrekken bij onderzoek en voor de universiteit van Suriname voldoende middelen beschikbaar te maken. Deze fondsen zullen we in eerste instantie wel bij de internationale organisaties moeten halen. Daarvoor is er een eerste plan nodig. We zullen nu meer dan ooit moeten beseffen dat wat onze bodem oplevert moet worden ingezet voor de ontwikkeling en bescherming van ons eigen volk.
We hebben dus nog meer huiswerk , maar een voordeel van dit alles is, dat deze noodzakelijke activiteit, als we ons verstand gebruiken ook de nationale economie kan aanzwengelen. We moeten in elk geval plannen maken en vooral goed plannen gaan uitvoeren. Tot nu toe is het weer ons voor geweest. Nog zonder zeespiegelstijging en klimaatsverandering.
Friday, May 04, 2007
De geschiedenis herhaalt zich
Het is al beroerd genoeg dat dit zo lang is blijven liggen en onacceptabel dat het onderhoud van hoofdavoerwegen zeer te wensen over laat. Jammer van die minister die in weerwil van de feiten blijft volhouden dat hij en zijn ministerie 'alles hebben gedaan wat ze konden'.
Wednesday, May 02, 2007
Kortere maar hevige regentijden, langere droge tijden ?
We zijn niet sterk in het tijdig maatregelen nemen om problemen te voorkomen. In de achter ons liggende dagen, werden nadat delen van de stad dagenlang ondergelopen waren, driftig de lang verwaarloosde trenzen en afvoerkanalen opgehaald, althans zoveel mogelijk.
Het is voor mij duidelijk dat onderhoud en verbetering van de waterhuishouding van de stad en andere woonplaatsen in de kustvlakte van het allergrootste belang zijn.
Wet- en regelgeving, bestemmingsheffingen, het instellen van een speciale werkarm voor het nemen van deze maatregelen en het onderhouden en steeds aanpassen van het systeem zijn enkele van de belangrijkste maatregelen die per onmiddellijk moeten worden genomen.
Het is verder belangrijk dat we realistisch kijken naar het klimaatrapport dat recent is uitgebracht. Verschillende wetenschappers denken dat de aangegeven zeespiegelstijging een 'best case' scenario is.
De link in de titel leidt naar een interactieve kaart, waar de zeespiegelstijging kan worden bekeken.
Friday, April 20, 2007
Klimaatrapporten bevestigen bezorgdheid en geven richtlijnen voor Suriname
Climate change is here. We worden er al merkbaar mee geconfronteerd en iedereen die de ontwikkelingen op dit gebied volgt, weet dat de formele berichten toch wel een beetje de best case scenario's zijn. De onverwachte, onberekenbare maar wel degelijk goed mogelijke ontwikkelingen zijn over het algemeen in de gepresenteerde stand van zaken niet meegenomen, althans niet erg duidelijk.
Het is nodig dat Surinamers zich unaniem inzetten om tot verstandig beleid te komen ten aanzien van deze kwestie. Klimaatverandering en energieproblematiek zullen moeten worden meegenomen in elk beleidsplan of project van enige omvang. Bij de ontwikkeling van oplossingsmodellen moet worden gekozen voor een werkwijze die zoveel mogelijk de eigen economie stimuleert en de export van kapitaal beperkt.
Suriname kan niet veel doen om de menselijke bijdrage in dit probleem te beinvloeden. Suriname draagt zeer weinig bij aan de CO2 uitstoot. We kunnen natuurlijk wel onze stem laten horen op de daarvoor bestemde internationale fora. Voor onze eigen ontwikkeling is het verder erg belangrijk dat we alle mogelijkheden benutten om geld te verdienen met ons natuurlijk milieu, door het in stand houden van ons regenwoud en andere tropische biotopen in Suriname.
Tot nu toe wonen we erg ver uit elkaar, hebben we een groot deel van de dag files in de binnenstad en over de bruggen in Paramaribo-zuid, kun je in het binnenland alleen met de boot de meeste plaatsen bereiken en niet of nauwelijks bellen naar de stad.
Klimaatverandering en het energievraagstuk van deze eeuw, hangen samen. In elk geval worden we er bijna gelijktijdig mee geconfronteerd. Suriname zal zich moeten bezinnen op het model van onze nationale ontwikkeling.
Monday, June 26, 2006
Wateroverlast in Paramaribo
Terwijl het binnenland vocht tegen het water en steeds meer gebieden te maken krijgen met overstromingen en wateroverlast, bleef Paramaribo niet geheel gespaard. De mensen in buurten die van oudsher een slechte afwatering hebben, 'pinaren'. Het water loopt dagenlang niet weg, straten en wegen gaan verder kapot en kinderen en volwassenen moeten zich door vervuild water waden naar een plek waar ze de bus kunnen pakken of verder relatief droog door kunnen lopen naar school of werk. Het is een van de vele onhoudbare situaties. De vraag is wat er moet gebeuren om deze problematiek op te lossen.
Het weer hebben we natuurlijk niet onder controle, maar zoals in alle landen waar de natuur niet altijd vriendelijk is, moeten we door het instellen van waarschuwingsystemen, steeds voorbereid zijn op wat komen kan. In Suriname zijn daarvoor de Meteorologische en de waterloopkundige diensten erg belangrijk. Er moet bij deze diensten een inhaalslag worden gemaakt, zodat de beschikbare menskracht optimaal kan functioneren. Apparatuur, transportmogelijkheden, communicatiemogelijkheden en samenwerking met het buitenland zijn de eerste zaken die zich opdringen bij evaluatie van de toestand en het inventariseren van problemen.
Naast het voorspellen van de neerslag en het monitoren van het vraagstuk van de zeespiegelstijging, zijn de omvang en de toestand van het afwateringssysteem van de stad natuurlijk van het grootste belang. De deskundigen van de meteodienst geven aan dat als de afwatering van de stad geheel in orde zou zijn, pakweg 70% van het probleem zou zijn opgelost. Daarnaast moet uitbreiding van het afwateringssysteem plaatsvinden in verband met de huidige en toekomstige groei van de stad.
De waterhuishouding van Paramaribo moet dus met grote prioriteit worden aangepakt, zoveel is zelfs voor de leek duidelijk. De zorg hiervoor zou bij een betere bestuurlijke indeling en ordening, in handen kunnen zijn van een gekozen burgemeester (DC) van Paramaribo, terwijl een gemeenteraad, de volksvertegenwoordiging van de stad, daar toezicht op zou houden. Aangezien het stads(gemeente)bestuur zich uitsluitend met Paramaribo bezig zou houden, zouden de bestuurders beslist meer tijd hebben om een geïntegreerd plan te maken, voor o.a. ruimtelijke ordening, plaatsing van scholen, sportvelden en industrie terreinen, huisvesting en afwatering konden worden geregeld.
Aangezien we nog steeds het land besturen vanuit een centralistisch model, is het de regering die ervoor moet zorgen dat deze kwestie wordt aangepakt. Als het nodig is externe financiering in te zetten, dan moet dat op korte termijn gebeuren.
Er zijn in verband met de aan de gang zijnde klimaatsverandering wel fondsen voor maatregelen die de schade daarvan moeten verminderen, door landen op de gevolgen voor te bereiden. Het is zaak dat een speciale groep die hiermee wordt belast een werkplan voor de verbetering van de waterhuishouding van de stad presenteert, zodat alle mogelijkheden voor financiering kunnen worden ge-identificeerd.We zullen hoe dan ook de werkzaamheden moeten starten en niet wachten tot het kalf verdronken is, in een door extreem hevige slagregens en een gestegen zeespiegel ondergelopen Paramaribo.
Friday, June 09, 2006
Where are we at, what's happening, sa' e psa??
Almost exactly one month after the first flood, the schools and homes are once more totally flooded. The water is about 50 cm (2 feet) lower than the first time. More rain is expected. Thank God for the forest. The rainforest saved lives. Without it, we certainly would have had many casualties, like we hear of in other countries. Now it is raining in Parmaribo. We have extreme amounts of rain falling in short periods of time in Paramaribo and the rest of the coastal area.
And if it all wasn’t enough, suddenly there is an earthquake, in French Guiana. Suriname gets lots to think about these days..
We zullen ons moeten voorbereiden op abnormale hoeveelheden regen in de komdende weken. Dit is het bericht van de meteorologische dienst. Gemiddeld is de hoeveelheid neerslag niet extreem, maar de hoeveelheid regen die in korte tijd (uren en dagen) valt is volgens deskundigen van dit instituut wel boven het normale.
Voeg dit bij de slechte situatie van onze afwatering en Paramaribo is ‘a disaster waiting to happen’. Ik denk dat we de verantwoordelijkheid hebben als burgers om druk op de autoriteiten uit te oefenen om het afwateringssysteem snel en goed aan te pakken. We hebben niet nog meer van dit soort situaties nodig.
We hopen allemaal op geluk, maar zijn toch verplicht normale voorzorgsmaatregelen te treffen, zodat we niet worden overvallen door problemen die we toch wel hadden kunnen voorzien.
Thursday, June 01, 2006
Energie, global warming en weersveranderingen niet ver van ons bed..
Ons energieplaatje is in Suriname nogal ‘groen’, want vanwege de Afobakka waterkrachtcentrale is meer dan 50% van onze energie mix van waterkracht afkomstig. We hebben tot nu toe ook geen last van grote acceleratie in ons ontwikkelingstempo, dus onze bijdrage aan ‘global warming’ en daarmee aan 'climate change', valt natuurlijk reuze mee.
Datzelfde kan volgens de wetenschappers niet gezegd worden van de verwachte invloed die de klimaatsveranderingen op Suriname zullen hebben. In het algemeen schijnt voor onze regio in de eerste fase vooral het algemeen beeld van meer extreme weersomstandigheden van toepassing, maar op de lange duur wordt een droger klimaat voorspeld, dat uiteindelijk van invloed zal zijn op de vegetatie. Naar het schijnt worden deze verwachtingen door onze metereologen bevestigd. Ze geven aan dat het langzaamaan minder regent in Suriname.
Aan de andere kant verwachten hydrologen dat de kustvlakte, ja inclusief Paramaribo, steeds meer last zal krijgen van de oprukkende zee en ze hebben plaatjes laten zien van een hoofdstad die voor een belangrijk deel door de zee zal worden overgenomen...in tijd... en als we niets doen...
Hoeveel wij nog tijdens ons leven van deze veranderingen zullen zien en welke invloed ze zullen hebben, is natuurlijk moeilijk precies in te schatten, maar voor iedereen die zich met beleid en planning wil of moet bezighouden is het van belang de verschillende scenarios te kennen en bij langere termijn planning rekening te houden met de verwachtingen. Ondertussen moeten we ervoor zorgen dat we op meer grillen van de natuur zijn voorbereid, de lichten aanblijven en de auto’s blijven rijden en wel tegen kosten die in overeenstemming zijn met onze persoonlijke en nationale economische positie.
Voor onderzoek op het gebied van bio brandstoffen kunt u op de site van IRECA terecht en het kan ook geen kwaad om eraan te wennen de site van de Meteodienst Suriname wat vaker te bezoeken.
